E-Learning

Ga aan de slag. Succes !


Dak(isolatie)

 

Dak(isolatie)

 

Inleiding Isoleren met vervanging van het dakbeschot
Bouwfysica Isoleren aan de binnenkant van het dak
Binnenzijde v.h. dak isoleren Afdichtingsmaterialen
Buitenzijde v.h. dak isoleren Veiligheid
Materialen Communicatie
Hoe breng je het aan Circulair verwerken van butimen

 Inleiding

Omdat warmte opstijgt, zorgt een koud dak in de winter voor veel warmteverlies. Het dak isoleren is dus effectief en heeft tevens het voordeel dat de zolder beter bewoonbaar wordt. Tot 30 % van de warmte gaat door het dak verloren (soms wel 40 %) Omdat via het dak de meeste warmte verloren gaat (40 procent transmissieverlies) moet je bij verduurzamen van boven naar beneden kijken. De eerste stap is om het dak te vervangen door een dak met een Rc-waarde van 6,0. Een punt van aandacht is daarbij dat rekening moet worden gehouden met de welstandscommissie. Niet alleen zal de gemeente een mening hebben over de hogere nok. Als maar één woning in een rij een nieuw dak krijgt, kan de eigenaar ervan dat zien als de kers op de taart, maar veel buren zullen het een dissonant vinden. Hou daarnaast rekening met grotere overstekken en de nieuwe aansluitingen op de gevel, zodat later eventueel buitengevelisolatie kan worden aangebracht.

Er zijn diverse manieren om een hellend dak te isoleren. Dat kan door aan de binnenzijde een isolatie materiaal aan te brengen of van buitenaf het dak te isoleren. In dat laatste geval moeten bijna altijd de pannen worden verwijderd en is het bij een ongeïsoleerd dak meestal verstandig om ook het dakbeschot te vervangen.  
  
beeld voor Bouwwebinar 1
 
Dakdoorbrekingen en aansluitdetails hebben grote invloed op de thermische prestaties van het hellende dak. Om te voldoen aan de komende BENG-eisen (Beng = bijna energie neutraal gebouw) moet niet alleen als basis het juiste dakelement worden gekozen, maar moet ook gekeken worden naar de detailleringen en mogelijke luchtlekken en koudebruggen.

Kosten: 

Isoleren van een schuin dak kost € 4500 en bespaart € 650. TvT 6,9 jaar. De Rc kan van 2,5 m2K/W naar 3,5 m2K/W

dakrenovatie

Buitenkant dak isoleren en of dakvervangen kan veel besparen. Wel moet het dak volledig verwijderd worden. Door verhoging van het dak moet de gevel ook verhoogd worden. De aansluiting op de dakramen moet opnieuw bekeken worden.  De verdieping is enkele dagen niet bereikbaar. Hoge isolatiewaarden mogelijk en te combineren met PV e.d. Geeft veel sloopafval. De aansluitdetails moeten geregeld worden. 

Je kan het dakbeschot en de dakpannen vervangen. Hierdoor krijgt de woning naast een isolerend dak ook een nieuw en fris aanzien.

We gaan het hebben over hoe je dat moet doen. Je krijgt informatie over de kwaliteitseisen, het materiaal, het gereedschap en materieel. Over de daksamenstelling, het voorkomen van vochtproblemen en in welke stappen je de werkzaamheden het beste kunt uitvoeren. Daarnaast moet je wat weten over specifieke veiligheidsaspecten en communicatie met de klant.   

Naast basiskennis is specialistische kennis nodig en zullen de vaardigheden in praktijk moeten worden getraind. Hiervoor verwijzen wij naar de cursussen van leveranciers en praktijkcentra.

Bij het vervangen van een hellend dak moet je rekening houden met de nodige bouwfysische eisen.
 
Specifieke aandachtspunten zijn:
- De aansluitingen bij de bouwmuren omdat hier het risico is van geluidsoverdracht bestaat.
- Het voorkomen van brandoverslag van de ene woning naar de andere. Uiteraard moeten de toe te passen materialen ook voldoende brandveilige eigenschappen hebben.
- Aansluitingen bij de nok en de dakvoet omdat hier koudebruggen en warmteverlies door onvoldoende luchtdichtheid een belangrijk risico vormen.
- Het voorkomen van het ontstaan van condensatie in de dakconstructie. 

Bouwfysica

De nodige basiskennis van bouwfysica is onontbeerlijk. Kijk daarvoor naar informatie door op de onderstaande links te klikken. 
Warmtetransport
Condensatie
Koudebrug
Isoleren
Luchtdichtheid
Geluid 

De dakconstructie

Als we het oude dakbeschot verwijderen of als we op het oude dakbeschot nieuwe dakplaten aanbrengen moeten we de  eerst voldoende inzicht krijgen in de dakconstructie zodat de sterkte van de nieuwe dakconstructie en opbouw gewaarborgd zijn.   

We onderscheiden twee typen dakconstructies die invloed hebben op de nieuw aan te berngen dakopbouw.

kap1
Sporenkap

Bij de sporenkap bestaat de constructie uit evenwijdige verticale regels (sporen) tussen de nok en de dakvoet. De krachten worden via de sporen overgebracht naar de vloer of muurplaat.
 
 
 
 
kap2Gordingenkap
 
Bij de gordingenkap lopen de balken horizontaal tussen de bouwmuren. Hierbij worden de krachten overgebracht op de bouwmuur.






Behalve het type dakconstructie is het bij de dakvervanging de van belang de welke hellingshoek het dak heeft en het type dakpan dat op het dak aanwezig is.

De belasting

zie hier

De binnenzijde isoleren

Bij het koud dak zit de isolatielaag aan de onderzijde van de dragende constructie. Boven de isolatie koelt het af. Dit wordt niet meer toegepast omdat het risico van condensatie te groot is.

condensatiekouddak

Hoewel men de constructie liever niet meer uitvoert kan het risico op condensatie worden verminderd door
1. een dampremmende laag
2. ventilatie met buitenlucht tussen isolatie en dakbeschot
3. een dampremmende laag aan de binnenzijde 
dak3

Bij het isoleren van binnenuit kan et isolatiemateriaal het beste direct tegen het dakbeschot aangebracht worden. Sluit de isolatie goed luchtdicht aan tegen de constructiedelen. (1) Breng aan de buitenzijde een dampopen folie aan. Zorg voor voldoende ventilatie. Verwijder indien nodig de waterdichte-dampdichte laag als die aanwezig is.(2) Plak de naden af. De isolatiepaag moet tegen het dakbeschot aangelegd worden. Zorg bij de aansluitingen met de gordingen, bouwmuur, nok en muurplaat voor luchtdichte aansluitingen. (3). Breng aan de binnenkant (aan de binnenzijde) een dampdichte folie aan. Plak naden tegen de constructiedelen af.

dak5

De buitenzijde isoleren

Je kunt op verschillende manieren het hellend dak aan de buitenzijde isoleren. De keuze van de betreffende methode is afhankelijk van de bestaande situatie en of je het hele blok woningen isoleert of een woning tussen andere bestaande woningen.

Waar plaats je de nieuwe isolatie? Grof gezegd heb je drie mogelijkheden. 

gording

Bij de eerste twee methoden spreken we van een warmdakconstructie. De laatste methode is een koud dakconstructie (dat staat hier boven).
We onderscheiden de volgende 4 methoden voor het renoveren van hellend dak:

1. Aanbrengen van zelfdragende scharnierkap.
2. Aanbrengen van zelfdragende elementen van dakvoet tot de nok.
3. Isoleren met sandwichpanelen op de bestaande dakconstructie.
4. Isoleren op een bestaand of een te vernieuwen dakbeschot met standaard isolatieplaten.

In de eerste twee gevallen wordt geen gebruik gemaakt van de bestaande dakconstructie.

dak6

Het basis stappenplan is als volgt:

1. Verwijder de oude dakbedekking en de panlatten en voer deze af. 2. Breng een dampremmende folie aan op de bestaande spanten of sporen zodat condens geen kans krijgt om vanuit de woning de isolatie binnen te dringen.
3. Zet de isolatieplaten vast met speciale schroeven en rondellen op de dakconstructie.
4. Breng een dampopen onderdakfolie aan op de isolatie zodat de condens langs de buitenzijde niet kan binnendringen.
5. Schroef de tengels vast door de isolatieplaten heen en nagel de panlatten op de tengels.
6. Plaats tenslotte de pannen.

Materialen

Je kunt voor het isoleren van hellende daken verschillende soorten materialen gebruiken. PIR wordt het meest gebruikt, omdat dit een hoge isolatiewaarde heeft en je dus in verhouding minder dikke isolatieplaten nodig hebt. Er gaat dan weinig ruimte verloren.

PIR is een isolatiemateriaal van kunststof en breed inzetbaar. Het is een doorontwikkeling van PUR en kent een veel hogere isolatiewaarde. De lamdawaarde is gemiddeld 0,022.

dakisolatiemateriaal

Het is meestal plezierig als je met zo dun mogelijke platen werkt, omdat dan de eventuele problemen met de detaillering bij dakranden en aansluitingen het geringst zijn. Je bent aangewezen op materialen met een hoge warmteweerstand.

Fabrikanten brengen platen op de markt die zelfdragend zijn en op gordingen of sporen gelegd kunnen worden of op het bestaand dakbeschot. Meestal zijn deze platen al voorzien van tengels zodat je alleen nog de panlatten hoeft aan te brengen. De platen zijn voorzien van rechte kanten en, afhankelijk van product en toepassing, voorzien van een randafwerking zoals bijvoorbeeld een sponning.

EPS

Ook EPS (geëxpandeerd polystyreen) heeft de nodige innovatie doorgemaakt. Zo brengt Kingsspan de EPS platinum op de markt een isolatieplaat met sterk verbeterde eigenschappen t.o.v de oorspronkelijke EPS of ook wel piepschuim. De platen zijn brandvertragend en milieuvriendelijk.

Als je aan de binnenzijde isoleert zijn er verschillende opties:

De volgende worden het meest toegepast:
  • Minerale wol
  • PIR / PUR EPS
  • Reflectie folies
Je kunt ook milieuvriendelijke materialen toepassen zoals:
  • Schapenwol
  • Houtwol
  • Hennep
  • Kurk
PUR en PIR en EPS zijn stijve platen waardoor het vaak moeilijk is ze goed aan te laten sluiten op de sporen of gordingen. Minerale wol is goed indrukbaar en kan daardoor makkelijker aansluitend aangebracht worden.
 
Hieronder zie je voorbeelden van hoe dik je de isolatiematerialen moet aansluiten.

isolatiedak

Voor het isoleren van het dak onder de pannen past men het meest toe:

• EPS parels zoals bijvoorbeeld HR++ Thermoparels®.
• PUR-schuim bijvoorbeeld PUR (Polyurethaan)- of UF (Ureumformaldehyde) schuim.
• Minerale wol bijvoorbeeld glas- of steenwol

Deze materialen hebben een goede dampdiffusieweerstand van 1 tot 2 waardoor je geen dampdichte laag hoeft aan te brengen. Ook met de geluidsisolatie zit het wel goed. De materialen hechten zich aan de ondergrond en vullen als je het goed aanbrengt alle naden en kieren. In de verwerking van de materialen zitten wel verschillen. EPS parels kun je vrij eenvoudig onder de pannen te blazen en PUR-schuim is door zijn hechting beter geschikt om aan de onderzijde tegen de pannen te spuiten. 

 De nadelen van deze isolatiemethode zijn:

• Er is een risico dat niet alle ruimte worden gevuld. 
• Bij thermokorrels het risico dat ze tijdens de verwerking of bij wind zich in de omgeving verspreiden.
• Bij latere werkzaamheden aan het dak kan veel rommel vrijkomen

Thermoparels 

EPS parels zijn witte, zilvergrijze, zwarte of groene polystyreen korrels. Ze zijn verkrijgbaar in verschillende isolatiewaarden (HR tot HR++), erg milieuvriendelijk en werken vochtregulerend.   

De parels zijn ten opzichte van glas- of steenwol vaak minder geluidswerend en brandonveiliger. En de kierafdichting is minder goed bereikbaar. 

Voordelen?  

Een van de grootste voordelen van dakisolatie met het parelsysteem is dat er een laag wordt aangebracht die zonder extra voorzieningen en balken op zijn plek blijft. Dit scheelt sloop- en verbouwwerk, en dus tijd en kosten. Hierdoor kan deze dakisolatie bij gemiddelde woningen al binnen een halve dag worden aangebracht.

Voordat je gaat isoleren, moet je controleren of de dakpannen in goede staat verkeren. Als dit het geval is, kan er in de meeste gevallen een isolatielaag van circa 4  tot 7 cm onder de pannen aangebracht worden.

De HR-Termoparels® breng je op de juiste plek aan met een speciaal pistoolvormig blaasinstrument in combinatie met een sterk bindmiddel. Deze is gemaakt op basis van het natuurrubber latex. De kracht en efficiëntie van het parelsysteem komt doordat het uitgeharde materiaal een zeer sterke plaat vormt. Deze kan de verschillen in temperatuur, klimaat en andere elementen van buitenaf zonder probleem opnemen.

Breng het parelssyteem als volgt aan:

Stap 1: Haal elke twee meter een rij pannen in verticale richting weg.
Stap 2: Dicht de onderzijde van het dak af ter bescherming van het overige materiaal.
Stap 3: Breng het isolatiemateriaal met een blaaspistool aan.
Stap 4: Leg de pannen terug na het uitharden van het isolatiemateriaal.

Thermoparels aanbrengen van binnenuit

Isoleren met thermoparels van buitenaf heeft de voorkeur, maar je kunt het ook doen van binnenuit. Bij een schuin dak maak je dan een gat in het plafond waardoor je HR-Termoparels® in de dakspouw spuit.

Bij deze methode is het lastiger te controleren of alle ruimten gevuld zijn met thermoparels.

Gebruik als het kan liever een andere methode.

Hoe breng je PUR aan ?

Een groot voordeel van PUR-schuim is dat het alle kieren goed opvult. Zo krijg je een goede isolerende laag die luchtdicht aansluit.

PUR-schuim spuit je onder hoge druk gespoten en neemt de vorm aan van de ondergrond. Er zijn dus geen of hoeken die overgeslagen worden zoals bij het leggen van isolatieplaten. Dus geen koudebruggen of luchtlekken. Het schuim hecht zich aan alle soorten materialen zoals hout, steen, metaal, beton, …. Wel dient de oppervlakte schoon en vochtvrij te zijn. De omgevingstemperatuur mag niet onder de 5°C komen.

Breng PUR-schuim in lagen aan. Zorg ervoor dat de ondergrond licht wordt bevochtigd. Daardoor ontstaat een betere hechting.

PUR-schuim aanbrengen van binnenuit 

PUR-schuim is beschikbaar met een HR++ label. Je kunt het van binnenuit tegen de pannen aanbrengen als er geen dakbeschot aanwezig is. Het schuim hecht zich uitstekend aan de ondergrond. Gebruik voor isolatie onder de pannen een traag werkend PUR schuim. Hiermee voorkom je drukopbouw onder de pannen.    

PUR-schuim is niet recycleerbaar en laat zich moeilijk verwijderen bij afbraak van de woning. 

Glaswolvlokken

Glaswol is leverbaar in dekens en in vlokken. 

De voordelen zijn: 
• de open structuur dus goede isolatiewaarde (beschikbaar met HR++ label); 
• niet duur; 
• licht van gewicht; 
• brandwerend; 
• geluidswerend.   

Het nadeel is de kans op huidirritatie.

Deskundigheid 

Je kunt niet zomaar alle daken isoleren door materiaal onder de pannen te spuiten of te blazen. Laat een deskundige goed beoordelen of:

• er voldoende ruimte is tussen het dakbeschot en de pannen;
• het dakbeschot, de tengels en panlatten in goede staat zijn.
• de pannen voldoende zijn verankerd.
• alle ruimtes onder de pannen voldoende bereikbaar zijn.      

Omdat je tijdens het isoleren op elke twee meter een rij pannen in verticale richting moet wegnemen, is het systeem niet geschikt voor pannen die in kruisverband liggen. De bovengenoemde materialen kun je ook niet gebruiken als de ruimte onder de pan te klein is. De dakhelling mag niet groter zijn dan 60 graden, zoals bijvoorbeeld het geval is bij een Mansarde kap. Als de dakhelling te groot is, bestaat er een reële kans dat de pannen er tijdens het isoleren afgedrukt worden.  

Breng ook geen na-isolatie onder de pannen aan bij:

• geglazuurde of geschilderde pannen;
• pannen met vorstschade;
• scheluwe pannen;
• onvoldoende ruimte tussen de pannen en het dakbeschot;
• lekkages in de dakconstructie.

Laat het dak nader inspecteren om na te gaan wat de mogelijkheden zijn. Een thermografisch onderzoek voor en na de werkzaamheden kan zeer zinvol zijn.

Hoe breng je isolatieplaten aan ?


1. Breng eerst een afschuifregel aan de gootzijde aan. De hoogte hiervan is gelijk aan de dikte van het dakelement (zonder tengellat) minus 13 mm. De afschuifregel moet vormvast aan de onderconstructie worden bevestigd. De afschuifregel vangt de afschuifkracht op waardoor je minder bevestigingsmateriaal nodig hebt. 

2. Breng de renovatieplaten aan. Zet deze met speciale schroeven vast op het dakbeschot. De lengte van de schroeven is afhankelijk van de dikte van de renovatieplaten. Breng de schroeven aan op een kruising van een tengellat met een gording. Bevestig daarna de panlatten. Dit kan op elke kruising met een tengellat. Gebruik draadnagels of nieten. Let er wel op dat deze lang genoeg zijn!

3. Bevestig de platen aan elkaar en gebruik hiervoor bij voorkeur flexibele PUR bijvoorbeeld FM330 van Illbrück. Deze is geschikt voor het afdichten en vullen van aansluitingen. 

4. Leg ten slotte de pannen.

5. Breng op flauw hellende daken < 25 graden op de isolatieplaten eerst een damp-open folie. Deze hellingen zijn vlakker waardoor het water moeilijker weg kan.

Hoe isoleer je de plaats van de bouwmuuraansluiting?

dakmuuraansluiting
1. Zorg ervoor dat je de aansluitingen op de omringende constructie blijvend water- en luchtdicht afwerkt. 
2. Isoleer de woningscheidende wand met een laag minerale wol. 
3. Dek deze laag af met een waterkerende damp-open folie en breng hierop tussen de panlatten een tweede laag minerale wol aan. Het is belangrijk dat je deze bij de plaatsing droog houdt. 
4. Zorg ervoor dat er tussen de panlatten ter plaatse van de woningscheidende wand minimaal 25 mm ruimte zit. 

Dit doe je allemaal om flankerend geluidsoverdracht tegen te gaan.

Isolatie met vervangen dakbeschot 

dakbeslot

1. Als je het dakbeschot vervangt, is het advies gebruik te maken van dakelementen of daksegmenten. Deze zijn voorzien van een draagconstructie en zijn sterk genoeg om het dak van gording tot gording te overspannen. Zo nodig kunnen de segmenten zelfdragend zijn van dakvoet tot daknok.

2. Hij de elementen met een speciale hijsklem op het dak waardoor ze direct in de juiste hellingshoek kunnen worden geplaatst.

3. Monteer de dakelementen. Dit is vrij eenvoudig omdat met de speciale zelfborende schroeven. De schroefmethode voorkomt het risico op het kapotslaan van de dakelementen. De hydraulische hijsklem blijft tijdens montage geklemd op het dakelement en houdt deze in positie. Dit resulteert in een makkelijker en arbeidsverlichtend montageproces. Daarnaast zorgt de hydraulische hijsklem voor een nauwgezette aansluitende montage tegen de naastliggende dakelementen. Randafwerkingen zoals boeiboorden zijn eenvoudig te realiseren door middel van bevestiging aan de verstijvers, die aan de langszijden goed zichtbaar zijn in de dakelementen. Hierdoor heb je voldoende ‘vlees' om in te schroeven. 

Bouwmuur bestaand dakbeschot B.402.0.0.01. 

Bij dit bouwmuur detail bij bestaand dakbeschot is het niet mogelijk om alle eisen van het bouwbesluit 2012 te voldoen. Omdat het hier renovatie betreft, zijn er mogelijkheden om ontheffing te krijgen.

Detailleringen 

Aandachtspunten zijn:
• De aansluiting tussen de bouwmuur en het dakbeschot in verband met geluidoverdracht.
• Het verlaagd plafond levert ook een belangrijke bijdrage aan de geluidwerendheid.
• De onderbreking van de panlatten in verband met brand en geluid

detaillering

Isoleren aan de binnenkant

A. Isoleren met reflectiefolie 

Een goede methode is isoleren met reflectiefolie. Bij het beperken van de warmteoverdracht gaat het altijd om het beperken van geleiding, stroming en straling. Reflectiefolies zijn stromingsdicht, hebben als nadeel dat zij een geringe weerstand hebben tegen geleiding, maar reflecteren straling goed mits er een luchtspouw gecreëerd wordt van minimaal 30 mm. Wanneer je de reflectiefolie juist en nauwkeurig aanbrengt, ontstaat uiteindelijk een goede R-waarde.

Let op! Aan de binnenzijde dient de folie dampdicht te zijn en aan de buitenzijde dampopen. 

De folie plak of niet je eenvoudig tegen de balken of gordingen van het dak. Door latten te gebruiken, ontstaat er een luchtlaag aan weerskanten van de folie. Deze luchtlagen brengen hoogwaardige isolatie zoals bij een thermosfles of dubbel glas.

Ga voor het aanbrengen van de folie als volgt te werk:

dakiso

dakiso2

 B. Isoleren met andere isolatiematerialen 

Een schuin dak kun je eenvoudig isoleren door aan de binnenzijde ervan een houten of metalen raamwerk te plaatsen waartussen je het isolatiemateriaal klemt. Je kunt het op verschillende manieren afwerken. Sommige isolatiematerialen zijn al voorzien van een decoratieve afwerklaag. Bij andere soorten moet je het dak zelf afwerken met gipsplaat of met houten of kunststof panelen. Een dampscherm is altijd noodzakelijk. Breng deze aan de warme zijde net onder de afwerking aan. Sommige isolatiematerialen zijn al voorzien van een dampremmende laag waardoor een apart dampscherm overbodig is.

Maak het dakbeschot indien nodig eerst kierdicht met een laag van 3 tot 4 mm dikke triplex platen.

De buitenzijde van het dak moet dampopen zijn. Zorg ervoor dat de aan te brengen isolatie standaard is voorzien van een dampdichte laag aan de binnenzijde of breng na het aanbrengen van de isolatie een aparte dampdichte en goed aansluitende folie aan over de isolatieplaten.   

Hieronder wordt stapsgewijs weergegeven hoe je te werk gaat.

iso1

iso2

C. Isoleren met complete systemen

Isoleren met complete systemen 

Er zijn ook complete systemen in de handel voor het isoleren van een hellend dak. Deze zijn gemakkelijk te verwerken en garanderen goede luchtdichte aansluitingen. dakios1

De isolatie bestaat uit witte stootvaste platen voorzien van damprem en specilale klikprofielen.  

De voordelen zijn:

• Minder materiaal nodig
• Snelle verwerking
• In één handeling direct afgewerkt
• Duurzaam en recyclebaar
• Vormvast en vochtbestendig
• Brandveilig
• Geluidisolerend

Bekijk de video van IsoBouw.

 

D. Zoldervloer isoleren 

Als we te maken hebben met een vliering of zolderruimte die we niet gebruiken dan is het isoleren van de zoldervloer de meest aangewezen optie om te besparen op stookkosten. Als je de vloer isoleert, verdwijnt er geen of minder warmte uit de woonvertrekken naar de hoger gelegen zolderruimte, waardoor je minder hoeft te stoken. Prijstechnisch zal het isoleren van de vloer al snel goedkoper zijn. 

Hoe je een zoldervloer isoleert, hangt grotendeels af van de constructie van de vloer. Zo zal je een andere methode van isoleren moeten toepassen als het gaat om een draagstructuur in massieve beton dan van houten balken. 

Zolder isoleren met houten draagstructuur 

Een zoldervloer die niet massief is, isoleer je door de ruimtes tussen de vloerbalken glaswolop te vullen met isolatiemateriaal. Halfharde of zachte isolatieplaten van minerale wol zijn hiervoor erg geschikt. Het beste is om een isolatiepakket te maken met een dikte van 15 tot 23 centimeter. Deze dikten hebben prijs versus besparing de beste verhouding.

Net als bij dakisolatie moet je altijd gebruik maken van een dampscherm. Breng dit aan de onderzijde van de draagconstructie aan naar de warme zijde toe. Mocht dit lastig zijn, gebruik dan isolatieplaten waarop een dampscherm al is aangebracht.

Naast minerale wol kan je de ruimte in de vloer ook opvullen met minerale vlokken bijvoorbeeld cellulose of pur-schuim. Hoe je de vloer verder afwerkt, hangt ervan af of de vloer nog beloopbaar moet zijn of niet. Aangezien een zolder weinig belopen wordt, kiest men vaak voor goedkope houtpanelen zoals OSB of vezelplaten.   Bron: www.isolatie-info.nl


Zolder isoleren met massieve draagstructuur

Bij een massieve vloer bevestig je het isolatiemateriaal bovenop de vloer. Allereerst moet je een dampfolie op de bestaande vloer aanbrengen. Deze kan los liggen maar kleef dan wel de voegen goed af. Dat geldt ook voor de randen van de folie nabij de wanden. Op de folie kun je nu drukvaste isolatieplaten plaatsen bij voorkeur in twee geschrankte lagen van in totaal 20 centimeter dik..

Mocht je geen harde isolatieplaten willen gebruiken, gebruik dan minerale wol. Maak dan eerst een houten raamwerk op de vloer waartussen je het isolatiemateriaal plaatst. De kostprijs is dan wel wat hoger.

Bron: www.isolatie-info.nl

Afdichtingsmaterialen

Wat zijn de meest voorkomende afdichtingsmaterialen? 

Minerale wol

Minerale wol wordt toegepast bij de montage van de prefab daksegmenten (op bouwmuren, naadafdichtingen e.d.). Het isolatiemateriaal dient te voldoen aan de specificaties zoals opgegeven door de producent van de daksegmenten.  

PUR-schuim

Polyurethaanisolatie ontstaat door de reactie van twee componenten, PMDI en polyol. Binnen enkele minuten nadat deze stoffen zijn samengevoegd, is het eindproduct (polyurethaanschuim) een feit. PUR-schuim wordt gebruikt bij de aansluitingen in de nok, de muurplaat, tussen de dakplaten onderling en tussen de dakplaten en de bouwmuren

• Verwerk de PUR-schuim altijd volgens de verwerkingsvoorschriften van de leverancier.
• Schut de PUR-bus moet vooraf goed.
• Maak het te purren oppervlak stofvrij en bevochtig het eventueel met een plantenspuit.
• Spuit de PUR zigzaggend in de voeg.
• Breng de PUR bij meerdere lagen met tussenpozen van 1 à 2 uur aan.
• Vul de voeg voor maximaal 90%.
• Snijd het overtollige schuim na circa 45 minuten af.

Folies

In de dakplaten wordt aan de binnenzijde een dampdichte en aan de buitenzijde een damp-open folie toegepast. Zorg ervoor bij de aansluitingen van de dakkapel voor dat de folies van de dakplaten goed aansluiten op de dakkapel. Pas aan de buitenzijde een dampopen (WKDO) folie toe, bijvoorbeeld een meerlaagse spinvliesfolie  met een µd waarde < 0,05. Aan de binnenzijde (warme kant) moet de dampremmende folie goed aansluiten op de dakkapel. De dampremmende folie heeft een µd waarde > 10.  

Gesloten cellenband

Pas bij de aansluitingen op de dakplaten en op de gordingen afdichtingsband toe met een gesloten structuur.  

Juist bij energieneutraal bouwen (met gebouwschillen met RC-waarden hog
er dan 7) is de detaillering van de aansluiting van de bouwdelen van groot belang. Daar liggen de grootste uitdagingen voor de luchtdichting en het voorkomen van koudebruggen, essentieel voor een goede EPC-waardering. Hoe verbind je constructieve dakelementen met elkaar en de andere bouwdelen. Dat is hier te zien.

Isoleren plat dak

Bij platte daken onderscheiden we drie soorten dakconstructies: 

1. Warm dak
2. Omgekeerd dak
3. Koud dak

Warm dak

Bij een warm dak, de naam zegt het al, ligt de thermische isolatie op de constructie, direct onder de dakbedekking. De constructie ligt dus aan de warme kant. Deze opbouw wordt het meest toegepast.

In zo’n constructie ontstaat altijd inwendige condensatie, omdat de dakbedekking altijd veel dampdichter is dan de constructie eronder. Maar onder normale omstandigheden (woning/kantoor) is de hoeveelheid vocht die in de winter condenseert zo weinig, dat die in de zomer weer wordt afgevoerd door verdamping naar de binnenruimte. De dampdiffusieweerstand van een normale betonvloer is meestal ruim voldoende om te voorkomen dat er meer condensatievocht ontstaat dan er kan worden afgevoerd. Een houten vloer met een (eenvoudige) dampremmende laag voldoet meestal ook. 

platdak1
Omgekeerd dak

Bij een omgekeerd dak ligt de isolatielaag op de dakbedekking in plaats van eronder. Hierdoor blijft de gehele constructie onder de dakbedekking warm en kan er geen inwendige condensatie optreden. Het isolatiemateriaal ligt dus buiten op het dak wat bijzondere eisen met zich meebrengt.

platdak2
Koud dak

Bij een koud dak, de naam zeg het al, ligt de warmte-isolatie onder de constructie. De constructie zit dus aan de koude kant. Inwendige condensatie moet worden voorkomen door onder de dakbedekking (de bovenste laag van het dak) te ventileren met buitenlucht en zo het vocht af te voeren. Daarbij gaat gemakkelijk iets fout.

platdak3

Veiligheid

Hoe je veilig op het dak kan werken en hoe je veilig met hijswerkzaamheden om kan gaan staat hier.


Communicatie

 
Je bent het visitekaartje van je bedrijf. Een goed contact met de klant is belangrijk. Die betaalt uiteindelijk. Hoe je goed communiceert staat hier
 

Circulaire bitumen dakbanen.

Oude dakbanen kunnen worden geshred en omgesmolten toegevoegd worden tot nieuwe bitumen. Men kan 15 % oud toevogen aan 85% nieuw.

 

%MCEPASTEBIN%

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Duurzaam bouwen