E-Learning

Ga aan de slag. Succes !


De energietransitie


Hoofddoel

Het hoofdoel van de meejarige missie gedreven innovatieplannen (MMIP's) zijn:

innovaties te ontwikkelen die gebouwen gereedmaken voor een aardgasvrije warmtevoorziening en het versnellen van de opschaling van het aantal energierenovaties. 

Deelthema's

Drie deelthema’s centraal:

a) Ontwikkeling van integrale renovatieconcepten
- Producten voor het verduurzamen van gebouwen met betere prestaties en lagere kostprijs dan huidige concepten.
b) Industrialisatie en digitalisering van het renovatieproces
- Een industriële productieaanpak
– gecombineerd met digitalisering en robotisering
– draagt bij aan de gewenste capaciteit, minder faalkosten en een verdere kostprijsreductie (door schaalvoordelen).

Er is een overstap nodig naar elektrische boilers, industriële warmtepompen, grootschalige productie van groene waterstof en het installeren van een centraal warmtenet met aquathermie. Dit vereist verzwaring van de netten. Dus wil men makkeliker procedures en garanties vanuit de overheid. 

elektrificatieindustrie
c) Gebouweigenaren en gebruikers centraal stellen bij energierenovaties
- Energierenovaties worden pas uitgevoerd als gebouweigenaren en -gebruikers hiertoe besluiten.
Het is dus noodzakelijk hun behoeftes en denkwijze centraal te stellen bij ontwerp, verkoop, uitvoering en nazorg (bv. proposities die aansluiten bij behoeften, ontzorging, financiering).

Het gaat over

1. Duurzame warmte en koude in de gebouwde omgeving

De warmtevraag is verantwoordelijk voor het grootste deel van het energiegebruik in de gebouwde omgeving (momenteel ongeveer 40%). Daarom is de uitdaging om het warmteaanbod te verduurzamen en prestaties, inpasbaarheid en betaalbaarheid sterk te verbeteren.
Innovaties in technologie, zoals:
(1) Warmtepompen (Stiller, efficiënter, kleiner, milieuvriendelijker)
(2) Afgifte-, ventilatie- en tapwatersystemen (Efficiënter, slimmer)
(3) Warmtebatterijen (Betere materialen, betere integratie)
(4) Duurzame warmtenetten (Naar LT, lagere kosten, meerdere bronnen)
(5) Thermische opslag (Wegnemen van belemmeringen, demonstratie)
(6) Geothermie (Opschaling en kostenreductie, veiligheid)
(7) LT-bronnen zoals aquathermie (Onderzoek, inpassing in slim en duurzaam warmtenet)

2. Elektrificatie van het energiesysteem in de gebouwde omgeving

Het elektriciteitssysteem komt steeds meer onder druk te staan door pieken in aanbod en door elektrificatie.
- Verbetering en herontwerp van het elektriciteitssysteem (opwek, opslag, conversie, transport en gebruik van elektriciteit). Zo kunnen lokale opwek, vraagsturing en opslag – mits goed afgestemd
– het landelijke energiesysteem ontlasten en stabiel en betaalbaar houden.
Door te kijken naar de verbinding tussen gebouwen en het energiesysteem, de manier waarop gebruikers flexibiliteit kunnen inzetten en het toekomstig ontwerp van de elektriciteitsinfrastructuur en de wijze waarop de gebruikers worden gekoppeld.
Verder wordt gekeken naar de handel van energie en het ontwerp van het energiesysteem.

Er moet onderwijs komen zodat men
(1) multifunctionele gebouwen en -energiesystemen kan ontwerpen,
(2) opwek kan integreren met opslag- en conversietechnieken en
(3) in staat is de koppeling te leggen tussen elektrotechniek, mechanica, materiaalkunde en productontwerp.

Daarom moet men:
1. Opleidingscurricula aanpassen om experts op te leiden met bovengenoemde capaciteiten (in samenspraak met ROC’s, hogescholen en universiteiten).
2. Huidige installateurs en bouwvakkers om- of bijscholen 
3. Ontwikkeling van een bindend kwaliteitskeurmerk waaraan iedereen die een zonnestroominstallatie installeert moet voldoen 
4: Nieuwe vormen van informeren en opleiden
5: Nieuwe manier van (individueel) verwarmen vraagt om andere vaardigheden
6: (Om)scholing van installateurs voor installatie en onderhoud van warmtepompen en afgiftesystemen
7: Grotere focus op IT vereist nieuwe en een verbreding van bestaande vaardigheden
Mede door flexibele sturing van apparatuur, meet- en regelsystemen, sensortechnieken krijgen hardware producten, zoals bijvoorbeeld een warmtepomp, steeds meer een IT- focus. Voor de installatie en onderhoud van zo’n systeem is het van belang dat een installateur kennis heeft van het meet- en regelsysteem én de mechanische onderdelen van de warmtepomp.
8. Optimalisatie van materialen voor warmteopslag (in warmtepompen of opslagvaten) 
Fundamenteel onderzoek is nodig om betere materialen te ontwikkelen voor warmteopslag, met een hogere energiedichtheid (compacter) of over langere periodes opslaan. Dit onderzoek zal grotendeels plaats vinden aan universiteiten doormiddel van afstudeer- of promotieonderzoeken.

Inmiddels zijn 2400 organisaties aangesloten, investeerde men de afgelopen 8 jaar € 1 miljard in innovatieprogramma’s en stond men aan de wieg van 2600 innovatieprojecten.
aldus Manon Janssen, boegbeeld van de Topsector Energie.

Als de industrie ook van het gas af moet en gaan draaien op waterstof hebben ze vier keer zoveel elektriciteit nodig. Dat betekent heel veel. 

e transitie

teams

Comfort as a service

Voor een vast bedrag per maand staat de verwarming op een comfortabele 20 graden.

De 61 nul-op-de-meter-woningen in de Utrechtse wijk Leidsche Rijn zijn voorzien van de duurzaamste energietechnieken: uitstekende isolatie, een warmtepomp, een slimme meter en zonnepanelen. Het energieconcept heet ‘comfort-as-a-service’: bewoners betalen een vast bedrag per maand voor een vaste energiebundel. Daarvoor krijgen ze een woning die gemiddeld op 20 graden verwarmd kan worden en 180 liter warm water per dag (voldoende om bijvoorbeeld 30 minuten te douchen). Een tegenvaller op de energienota als gevolg van een strenge winter behoort daarmee tot het verleden en ook als de installatie kapot gaat, maar eventuele winst is voor het energiebedrijf.

De opgave in de bouw

We hebben 7,7 miljoen woningen.
5 miljoen particulier
2,7 miljoen huur
17.000 wijken en buurten

Per dag moeten 1000 huizen van het gas af en dat aantal is ju 10. 

Sociaal werkers spelen een belangrijke rol in de energietransitie

- Het is een maatschappelijk thema dus een kerntaak
- Je kent het bestaand netwerk in de buurt
- Je bent de spil tussen bewoners, thema's, sociaal en techniek

Naast de energietransitie kan het ook gaan over
- klimaatadaptatie
- hittestress, vergroening, biodiversiteit
- wateroverlast
- vervoer
- circulaire economie

Er zou een minor of een keuzedeel kunnen worden opzet over

Sustainable community development

- Kennis van duurzaamheidsvraagstukken
- Generieke kennis van techniek
- Communicty building opbouwwerk
- Social design
- Netwerken in de stad /bestuur
- Presenteren en voorzitterschap

De transitie wordt voor een deel betaald uit de opslag duurzame energie (ODE) goed voor 550 miljoen per jaar maar hoe meer je verbruikt hoe minder je betaalt. De grootverbruikers dragen zo relatief weinig bij. Tata steel (de grootste uitstoter) draagt helemaal niets bij vanwege vrijstellingen. Moeten we dat niet rechtzetten ?

Rotterdam, van het gas af in arme wijken (2021)

De stad Rotterdam staat voor een enorme uitdaging. In 2050 moeten 265.000 woningen van het gas af zijn. En dat in een stad waar de helft van de inwoners moet rondkomen van een laag inkomen volgens de definitie van het CBS. Energie-armoede is in Rotterdam een veelvoorkomend probleem. Ongeveer 17 procent van de Rotterdammers heeft moeite met het betalen van de energierekening. Of ze ervaren een te grote energielast. De energierekening neemt dan een te grote hap uit het besteedbaar inkomen waardoor ze andere dingen niet kunnen doen. De meeste mensen die lijden aan energiearmoede wonen in een slecht geïsoleerde huurwoning en moeten rondkomen van een minimum loon of uitkering.

Energiearmoede
Een van de doelen van de stad Rotterdam is streven naar een eerlijke en rechtvaardige energietransitie. Energiearmoede is wijd verspreid, door de hele stad komt het voor. Zij zetten simpelweg de verwarming niet aan en koken niet op gas omdat ze anders de rekening niet kunnen betalen.”

Aan de keukentafel

Samen met de gemeente en woningcorporatie Havensteder ontwierp Eneco een nieuw energiesysteem voor de wijk Bospolder Tussendijken. Daarin wordt de wijk in eerste instantie aangesloten op restwarmte van de industrie uit de haven.

Woningcorporatie Havensteder zorgt voor het vervangen van alle oude gasfornuizen van zijn huurders. Ook krijgen de bewoners een set nieuwe pannen voor hun elektrische fornuis.

Samen met zeven andere vrouwen gaat de stichting Pauw in wijken als Bospolder Tussendijken langs de deuren om bewoners te helpen hun energieverbruik te verminderen. Omdat het een groot voordeel is als je de taal van de bewoners goed spreekt, hebben ze allemaal een andere afkomst. “We hebben een Turkse in het team, een Marokkaanse, een Bulgaarse een Kaapverdiaanse en we zoeken nog een Poolse.”

De ingrepen die ze doen zijn kleine dingen zoals het plakken van isolatiefolie achter de radiator of het monteren van tochtstrips bij deuren en ramen. “Binnen een half uur heb ik vaak al drie - of vier verbeterpunten gezien.” De eerste maanden ging veel tijd op aan het winnen van vertrouwen. “We moesten vooral niet zeggen dat de gemeente en Eneco achter stichting Pauw zitten, dan ging de deur meteen weer dicht. Maar nu de mensen weten hoe we werken, gaat het heel goed. Nu spreken mensen mij aan. ‘Kom, kom,’ zeggen ze dan, ‘ik ga baklava maken. Kom mijn huis mooi maken.’

Warm water op rantsoen
De energiearmoede die Tourik tegenkomt is soms schrijnend. “Een man die weigert om de verwarming aan te doen terwijl zijn vrouw artrose heeft. Een gezin waar het warme water op rantsoen is. Mensen die niet meer koken omdat ze anders de energierekening niet kunnen betalen.” Ook komt ze veel andere problemen tegen. “Als je binnenkomt, zie je het vaak meteen. Aan de vloer, het behang dat van de muren bladdert. ‘Mevrouw, heeft u problemen’, vraag ik dan.”

Met haar teamgenoten brengt Tourik verbeteringen aan in de woningen en helpt ze de bewoners tegelijkertijd met andere problemen. Dat loopt uiteen van het aanvragen van een rollator tot het wegsturen van een deurwaarder. “Ik ben een brug tussen de bewoners en die instanties.”

Voor de gebiedsgerichte aanpak ontving Rotterdam vanuit het Rijk een subsidie van 4,9 miljoen euro. Goed besteed geld vindt Thiry. “Bospolder Tussendijken is een voorbeeld voor Nederland, alleen moet het sneller en op grotere schaal. Maar daarbij moeten we niet de menselijke maat verliezen. Want die gesprekken aan die keukentafel zijn nodig als je de energietransitie wil laten slagen.”

%MCEPASTEBIN%