Bio-industrie 

Vragen
Introductie
Informatie
Weetjes
Opdracht
Websites

Vragen

1. Noem 2 positieve gevolgen voor het gebruik van biologische producten
2. Waar worden vleesvervangers van gemaakt?
3. Welke keurmerken bestaan er voor vlees? Noem er 3, en geef aan waar het een keurmerk voor is.
4. In welk diervriendelijk restaurant zou jij wel willen eten? Onderbouw je antwoord.
5. Wat doet Stichting Noordzee?
6. Wanneer is een vis volgens Stichting Noordzee een 'goede vis'? Noem 5 goede vissen en 5 vissen die je liever niet moet eten.



 

Introductie


Waarom zou iemand vegetariër worden? Zo'n biefstukje is toch superlekker! Dieren krijgen vaak (oogst)afval. 70 % van de landbouwgrond is marginale (voedselarme) grond en dieren woelen dat om zodat er toch nog iets kan groeien. Toch hebben de vegetariërs een punt, want de omstandigheden waarbij de dieren gehouden worden is vaak verre van ideaal. De tijd dat de kippen, varkentjes en koeien rustig in de wei staan te grazen voor ze in de supermarkt belanden is voorbij. Kippen staan met honderden opeen gepakt en varkens staan vaak in hokken waar ze nauwelijks hun kont kunnen keren. Voor het voer worden grote gebieden ontgonnen of afgebrand. Daar gaat de natuur verloren.   

De bio-industrie zorgt voor een hoge vleesproductie voor de biefstukliefhebbers onder ons, maar dit gaat ten koste van het welzijn van de dieren. Ook in andere voedselsectoren vinden we negatieve effecten van bio-industrie, wat dacht je bijvoorbeeld van overbevissing? Door bewust te zijn van wat je eet en de alternatieven die ervoor zijn kan je zowel gezonder leven als natuur sparen en dieren leed besparen. In deze module kom je meer te weten over de bio-industrie en hoe je bewuster om kan gaan met je voeding.

Daarnaast produceert de bioindustrie veel te veel mest. In Brabant wordt 15 miljard kg mest geproduceerd. Voor 9 miljard kg is geen grond. Dat is het mestoverschot en dat wordt vaak toch uitgereden. 25 % raakt zoek ? Om dat te voorkomen  probeert men de mest te vergisten.

In mest zit ammoniak dat door bodembacteriën wordt omgezet in nitraat plus zuur. Het verzuurt de bodems. Daarnaast maakt de mest voedselarme bodems met hun specifieke flora voedselrijk. Dat gaat ten koste van de biodiversiteit. De vaak prachtige voedselarme flora verdwijnt en maakt plaats voor grassen, bramen en brandnetels. Zo vergrassen hele heidegebieden.

Om dat te voorkomen doet men tegenwoordig aan mestinjectie. Met messen snijdt men de grond open en injecteert daar de mest in. Vervolgens wordt de grond weer dichtgestopt. Dat geeft minder stankoverlast en dus minder ammoniak die in de natuurgebieden terecht komt. Het nadeel is dat de messen de nesten van broedvogels vernietigen en dat de mest in de bodem het bodemleven ruineert. Minder pieren, minder bodemleven betekent ook minder voedsel voor b.v. weidevogels. Die nemen dan ook drastisch af.   

Informatie

In Nederland, en in de meeste geïndustrialiseerde landen worden miljarden dieren gehouden in intensieve, industrie systemen: de bio-industrie. 300 miljoen kippen zitten opgesloten in legbatterijen, alleen al in Europa. Elke dag leggen ze hun ei in een veel te krappe kooi, waarin ze zich nauwelijks kunnen bewegen. De kooi is zelfs zó klein dat de dieren niet eens hun vleugels kunnen strekken! In de bio-industrie worden mestvarkens en vleeskuikens vetgemest in overvolle stallen. Fokzeugen en kalveren zitten vast in zulke krappe hokken dat ze zich niet eens kunnen omdraaien. Leghennen zitten op elkaar gepropt in kooien en de productie van melkkoeien wordt tot het uiterste opgekrikt. 20 % van de koeien komt nooit meer buiten. Dan is de dure melkrobot beter te gebruiken. Gelukkig hebben sommige landen, waaronder Nederland, al enkele stappen in de goede richting gezet en besloten de ergste uitwassen van de bio-industrie nu of in de toekomst niet meer toe te staan. 

Wist je dat...

    - er meer dan 200 miljoen melkkoeien ter wereld zijn, die bijna 500 miljoen ton melk per jaar produceren.

    Door selectief fokken is de productiviteit van melkkoeien dramatisch toegenomen: de melkopbrengst kan soms mr dan 40 liter per koe per dag zijn. De hoge fysiologische eisen die zon hoge melkproductie aan koeien stelt heeft ernstige gevolgen voor het welzijn van de dieren.

    - er wereldwijd per jaar meer dan 43 miljard vleeskuikens geslacht worden voor hun vlees.

    Wereldwijd wordt ongeveer de helft van deze dieren gehouden in de bio-industrie waar tienduizenden dieren bij elkaar gepropt zitten in enorme schuren. Het strooisel in deze schuren wordt snel smerig en nat door de ammoniak die vrijkomt uit de uitwerpselen van de kippen. Dit veroorzaakt borstblaren, voetzweren en brandwonden aan de hakken van de vogels

    Veel dieren kunnen voordat ze geslacht worden, schrikbarend lang op transport gaan, waarbij ze ernstig uitgeput, uitgedroogd en gespannen raken. Sommige dieren raken verwond of worden onder de voet gelopen door hun soortgenoten. In de ergste gevallen sterven er vele dieren.

    In 2001 bijvoorbeeld werden er meer dan 6 miljoen schapen levend vervoerd van Australië naar het Midden-Oosten. De dieren reizen soms wel 3 dagen tot de havens en hebben dan nog een zeereis voor de boeg die wel 3 weken kan duren. Zon 85.000 schapen overleefden deze zeereizen in 2001 niet.
    We eten gemiddeld 664 tot 789 dieren in ons leven. Vee en vis (94 % bestaat daarvan uit kippen, de rest is varkens, runderen, geiten, schapen).

De intensieve veehouderij balanceert op een wankel koord tussen hoge productie en lage kostprijs enerzijds en problemen met gezondheid, dierenwelzijn en milieu anderzijds. Juist in Nederland, het veedichtste (120 miljoen productiedieren) land ter wereld, dringt dit probleem zich nadrukkelijk op.

Sinds de Tweede Wereldoorlog is de vleesconsumptie in Nederland tot 1996 alleen maar gestegen tot 88,6 kilo per persoon. Toen kwamen de bungelende kadavers van BSE en varkenspest, en begon de vleesconsumptie te dalen tot 84,7 kilo per persoon in 2008. Niet spectaculair maar onmiskenbaar een trendbreuk, in een periode van toenemende welvaart.

Het is de vraag hoe groot de invloed van het opkomende dierenrechtenactivisme op die trendbreuk is geweest. De beelden die radicale en minder radicale organisaties met een al of niet verborgen camera filmden en op internet plaatsten, waren zo mogelijk nog schokkender dan die van bungelende kadavers in grijpers. Filmpjes van dierproeven, bontfokkerijen, en misstanden in slachthuizen, op veemarkten of tijdens veetransporten, ze zijn te vinden op de websites van die organisaties.

In 2012 werd 297 miljoen ton vlees gegeten op de wereld en men verwacht in 2050 (door meer mensen die meer vlees gaan eten) 470 miljoen ton.
3/4e van de landbouwgrond is voor de vleesproductie. Het levert 18 % van de broeikasgassen (= meer dan het vliegverkeer en alle auto's bij elkaar). 

De veestapel in de Peel produceert 8,5 miljoen ton mest warvan 6 miljoen ton niet plaatsbaar is en dus geldt als mestoverschot. Dat is een kolonne  vrachtauto's van Den Bosch tot Sevilla. 30 - 40 % komt in het illegale circiut. Tussen 2006 en 2010 is 45 miljoen kg fosfaat zoekgeraakt. De boete hierop zou 2 miljard zijn. 40 - 50 % van de Brabantse bodemsn is zorgbodem geworden. Je hoort 6-8- % organische stof in de bodem te hebben en dat is nu nog maar 3 %. Door zwaar materieel te gebruiken, overbemesting, bestrijdingsmiddelen. Ammoniak doodt het bodemleven.   

De voedselsector is verantwoordelijk voor 25% van alle CO2-uitstoot in Nederland. Deze moet binnen 13 jaar met bijna de helft omlaag om aan het klimaatakkoord van Parijs te voldoen. Ook kampt Nederland met teveel mest en is het milieu vervuild. Daarnaast verkeren veel boeren op het randje van een faillissement. In de Voedselvisie schetst Natuur & Milieu, rekening houdend met al deze factoren, de route naar een duurzame landbouw. De route naar een klimaatvriendelijk voedselsysteem kan kostenneutraal worden doorgevoerd.
bioindustrieproblemen

Andere problemen met de bio-industrie

Ziekten

Europa werd in 1996 en 1997 getroffen door een BSE-crisis. Alleen al in Engeland werden 3,5 miljoen runderen gedood, op een hoop gegooid en in brand gestoken. Over het Engelse platteland hing dagenlang de geur van verschroeid vlees. Kort daarop volgde de varkenspest; in een paar maanden tijd werden in Nederland vijf miljoen varkens geruimd. Ouderen herinneren zich de schokkende beelden van grijpers met daarin bungelende varkens. In 2001 kostte mond- en klauwzeer miljoenen dieren het leven, daarop volgden onder meer vogelpest (2003) en blauwtong bij schapen (2007).

90% van de kippen heeft de ESBL-bacterie (Extended Spectrum Beta Lactamase - bacterie) die een enzym heeft dat veel antibiotica afbreekt. Bij goed bereiden /doorbakken, goede hygiene en als je zelf een gewone goede afweer hebt, is het geen probleem. Wie dat niet heeft, kan een blaasontsteking krijgen die met antibiotica slecht te bestrijden is. Dan volgt een dure zoektocht naar andere middelen (b.v. carbapenems). Zeker één vrouw van 85 is eraan overleden. 

In 2007 maakte Q-koorts 4000 mensen ziek, waarvan er 20 overleden.
In 2009 werden drachtige geiten gedood en gezonde dieren ingeënt.

Antibiotica

Als veel dieren op een kluitje staan kunnen ziekten snel worden doorgegeven. Zo kan een boer een hele veestapel verliezen. Om dat te voorkomen geeft men dieren soms preventief antibiotica. Het nadeel daarvan is dat bacterien aan die antibiotica gaan wennen en resistent worden. Als een mens dan zo'n bactierie binnen krijgt, is hij vaak moeilijk te bestrijden omdat normale antibiotica dan niet meer werken. MRSA bacterien zijn er een voorbeeld van.

Vroeger gebruikte men ook koper als middel om bacterien te doden. Als de mest dan op het land werd uitgereden en er graasden schapen dan gingen die er aan dood. Schapen zijn heel gevoelig voor koper.

Een onderzoeker schreef me: "In 1985 was ik adviseur van de toen opkomende bio-industrie. In die functie deed ik in samenwerking met de Gezondheidsdienst voor Dieren in Brabant een kleinschalig praktijkonderzoek naar hardnekkige diarree bij kalveren. Dat veelvoudig resistente bacteriestammen daar een rol in speelden was al gauw duidelijk. Dat de goedaardige, maar multiresistente coli-bacterie ook terug te vinden was bij de boer, zijn vrouw, kinderen en hond, was geen vreugdevolle bevinding. Dat die resistenties tussen bacteriesoorten overdraagbaar was aan ziekteverwekkende soorten was nog minder. Voor de vee-industrie had dat een  zorgwekkend signaal moeten zijn. Edoch, in '85 vond de betreffende industrie een vervolgstudie ongewenst, hetgeen mede aanleiding werd voor een vroeg vertrek uit die sector. Wat blijft is dat de bioindustrie een groot en veelzijdig risico vormt."

Meer weten over veeteelt en volksgezondheid. Kijk in dit rapport.

Minder dieren

De belangrijkste maatregel is het verminderen van het aantal dieren in Nederland. Koeien en varkens nemen met 40% af, ook het aantal kippen moet met 20% afnemen. De reden hiervoor is dat dierlijke productie veel  broeikasgassen uitstoot. Een koe stoot jaarlijks net zoveel uit als een auto. Ook tast hun mest de bodem- en waterkwaliteit aan. Een derde van de boeren verwacht de komende jaren te stoppen: in plaats van het doorverkopen van de dierrechten aan andere boeren, zal de overheid de dierrechten moeten opkopen zodat het aantal dieren geleidelijk vermindert. De boeren die doorgaan, verdienen een goed inkomen.

In 2030 zullen boeren minder dierlijke producten produceren en is er meer ruimte voor akkerbouw, tuinbouw en nieuwe teelten, zoals notenteelt. De focus komt op kwaliteit en minder op bulkproductie. ‘De tijd waarin we veel en goedkoop eten produceren, is straks echt voorbij. Boeren zetten meer in op kwaliteitsproducten waar ze een eerlijke prijs voor krijgen,’ aldus Geertje van Hooijdonk, directeur a.i. bij Natuur & Milieu. Ook wordt de landbouw zoveel mogelijk circulair: dieren eten   minder veevoer uit de tropen maar gebruiken meer reststromen die voor mensen niet meer nuttig zijn. Alle mest wordt zoveel mogelijk op Nederlandse bodem benut.

De consument speelt een belangrijke rol in de realisatie van een duurzame landbouw.  Een effectief middel hiertoe is True Price: voedsel met een lage milieu-impact, zoals groenten van het land, is door deze manier van beprijzen goedkoper dan voedsel met een hogere milieu-impact zoals vlees. ‘Veel consumenten willen dat hun eten milieu- en diervriendelijk is geproduceerd. Helaas zijn deze producten in de supermarkt duurder. Met True Price is dit te kantelen.

Activisten

Een kleine groep activisten zorgde sinds eind jaren negentig voor een ongekend aantal vaak gewelddadige acties tegen nertsenfokkers, proefdierbedrijven, veetransporteurs en bedrijven en personen die direct of indirect bij die activiteiten zijn betrokken. Zo gewelddadig dat deze activisten sinds 2011 jaar een landelijk politieteam achter zich aan hebben gekregen.

Zowel Wakker Dier als Varkens in Nood werd eind jaren negentig opgericht. Voor het eerst namen organisaties het nadrukkelijk op voor de miljoenen productiedieren in Nederland, en dus niet alleen voor zielige huisdieren en zeehonden. Wakker Dier richtte zich in radiospotjes tegen de excessen in de bioindustrie ('Kip, het meest mishandelde stukje vlees') en bedacht de jaarlijkse verkiezing van de meest sexy vegetariër. Varkens in Nood richtte zich meer op de middenklasse, door bekende ambassadeurs als Youp van 't Hek en wijlen Robert Long in te schakelen. Varkens in Nood bracht de onnodigheid van het castreren van biggen en misstanden in veetransporten onder de aandacht.

Ook wereldwijd mengden beroemdheden zich in het debat. Zo riep Paul McCartney in 2009 op tot een vleesloze maandag. Zijn dochter Stella, bekend modeontwerpster, kondigde een veganistische (leerloze) schoenenlijn aan.

De dierenrechtenbeweging in het algemeen boekte enig succes. De Europese grondwet bevat voor het eerst een bepaling over de rechten van het dier. In Nederland kwam een wetsontwerp om de nertsenhouderij te verbieden door de Tweede Kamer (en blijft vooralsnog steken in de Eerste Kamer). Nog maar de helft van de eieren komt uit een legbatterij en foie gras is met goed fatsoen bijna niet meer te verkopen.

Partij van de dieren

Uniek in de wereld is de verkiezing van de Partij van de Dieren in het parlement, in 2005, met twee zetels. De partij van Marianne Thieme bereikte weinig concreets maar boekte toch een groot succes: het dierenwelzijn, ook van het vee in de bio-industrie, staat hoog op de politieke agenda. Nu is er een manifest verschenen dat ondertekend is door 100 hoogleraren. NOVA, NRC etc. De tekst vormt een inzichtelijke samenvatting van wat er speelt. Zie Duurzameveeteelt 

Wat daarbij hielp was de conclusie van de Wereldvoedselorganisatie FAO in 2008 dat de veehouderij goed is voor 18 procent van de uitstoot van broeikasgassen. Met andere woorden: de veehouderij is funest voor het klimaat dat andere grote thema van het laatste decennium. Marianne Thieme maakte haar eigen unconvenient truth: Meat the Truth. Een van de conclusies: Een vegetariër in een Hummer stoot minder CO2 uit dan een vleeseter in een Toyota Prius.

En of het nu was wegens het dierenleed, wegens het klimaat of wegens de gezondheid: al met al gebeurde er iets bijzonders: (veel) vlees eten is uit.
Schrijnende beelden uit de bio-industrie zijn hier te zien
 

ruimen van varkens met varkenspest

Weetjes

Kippen en pluimvee

In 2015 liepen in Nederland 103 miljoen kippen rond.

Een biokip leeft 81 dagen, is 30% meer ziek en is 3x zo duur als een gewone plofkip.
Een biokip mag 1x antibiotica maar mag dan niet meer als biokip verkocht worden.In Nederland heb je 550.000 biokippen op 95 miljoen plofkippen.

Een plofkip leeft 6 weken, heeft meer stress, een lagere weerstand en krijgt (daarom) veel antibiotica (waardoor die ook nog eens sneller groeit).


Elk uur worden in Nederland van 6000 kuikens de snavels gekapt. Men wil dat in 2018 verboden hebben maar dan worden er meer kippen doodgepikt. Men zou eigenlijk socialere kippen moeten kweken.  

De plofkip geeft minder milieubelasting, heeft minder ruimte nodig, minder elektra, minder voeding, minder mest en produceert minder CO2

In 1984 was de mestproblematiek van de bioindustrie zo groot dat een noodwet werd aangenomen en er geen uitbreidingen meer mochten plaatsvinden.

In 1960 was 6 kg voer nodig om een kip in 100 dagen (14 weken) 20 gram per dag te laten groeien tot 2 kg.
In 2010 was 9 kg voer nodig om een kip in 40 dagen (6 weken) 65 gram per dag te laten groeien tot 2,6 kg.
De beesten kunnen niet altijd meer de grote spiermassa torsen - ze kunnen moeilijker lopen - mest geeft blaren op de poten en borst - hartproblemen - spontane dood. Na 40 weken is 40 % dood.

In 1960 230 eieren per 100 weken in 2010 meer dan 300 (360) in 80 weken. Nadeel dat calcium een probleem wordt en de kippen er van gebrek krijgen in de botten -> botbreuken - gebroken borstbeenderen.

De voederprijzen en de aandacht voor het milieu gaan omhoog dus moet e.e.a. nog efficienter.Veredelaas hebben al kippen van 500 eieren in 100 weken soms zelfs 570.
Bij kippen werden tot 2008 de snavels afgebrand. de eerste dagen eten ze dan niet van de pijn. Ze houden er hun leven last van. Als ze eenmaal bloed zien is het hek van de dam.
Je hebt socialere rassen, bij meer ruimte hebben ze ook rustplekken. Als het kuiken uit het ei kruipt moet het leren voer van de grond te pikken en niet te pikken naar anderen.
Kalkoenen zijn zo zwaar geworden dat het vrouwtje doorzakt als ze gedekt zou worden door een mannetje. Ze kunnen zich niet meer natuurlijk voortplanten.

kippen
Bron Volkskrant

Varkens

Tegenwoordig eten varkens minder, groeien sneller en produceren meer biggen. In 1960 14 biggen in 2010 meer dan 20.
Dit geeft poot- en skeletproblemen.

De eisen op milieugebied worden steeds strenger, het voer duurder dus het moet nog efficienter.
Veredelaars hebben al varkens die 35 biggen grootbrengen. Ze werken met genoomanalyses

In de jaren zestig kregen varkens gemiddeld 14 biggen per jaar, nu 28. Geeft meer poot- en skeletproblemen.In 2008 was in Nederland 43% van de eieren afkomstig uit legbatterijen terwijl dat elders 63% is.

In 1960 telde Noord-Brabant 700.000 varkens, in 2011 5,5 miljoen, verdeeld over 2300 bedrijven met gemiddeld 2400 varkens.
Nederland heeft 12,2 miljoen varkens.

Runderen

Melkkoeien gaven in 1960 6000 liter melk en nu meer dan 10.000. Dat geeft problemen met de vruchtbaarheid en meer kans op poot- en uierontstekingen. Er bestaan al koeien met 16.000 liter productie.

Belgische witblauw vleeskoeien hebben zulke extreme spierproductie dat de kalveren alleen geboren kunnen worden via de keizersnede.
60 % van het voedsel op aarde gaat naar vee dus er wordt genoeg geproduceerd. Maar het wordt niet goed verdeeld. We moeten meer kijken naar wat het land wil produceren dan naar wat we willen eten.

Mest

Wat doet men al tegen het mestprobleem:

Mestactieplannen
Strengere bemestingsnormen
Dumping van mest op akkers is verdwenen
Veevoer heeft een betere samenstelling die minder stikstof en fosfaat in>  >de mest oplevert.
Mest wordt in de bodem geïnjecteerd
Luchtwassers halen ammoniak uit de lucht
Speciale opslagkelders waar minder ammoniak uit ontsnapt
Hiermee kan de uitstoot van kippen en varkensstallen met 50- 90 % gereduceerd worden.

Bij koeienstallen, die vaak half open zijn, is dat moeilijker.

Verwerken van mestoverschotten door ontwatering. De uitstoot is sinds 1990 met 50 % gedaald maar er valt nog steeds in 90 % van de natuurgebieden teveel neer. >Sinds 2008 is er geen afname meer merkbaar door een lichte stijging van de veestapel.

Op veel plaatsten wordt de nitraat en fosfaat norm in het water overschreden.

Het bovenstaande is duur en de prijzen staan al onder druk. Je ziet dat de regels meer en meer aan de laars worden gelapt en dat het aantal boetes stijgt.

De enige oplossing is eigenlijk de veestapel langzaam te verkleinen en boeren meer met het gezicht naar de stad te laten boeren (en niet met de rug naar de stad). De kringlopen moeten gesloten worden want die zijn verstoord. De kringlopen zijn verstoord. Vroeger teelde de boer op het land wat de dieren aten. Nu wordt veevoer geimporteerd uit allerhande delen van de wereld. Er worden teveel dieren gehouden op een te klein oppervlak. 

De stank van mest geeft ammoniak, fijnstof, stikstofoxiden als nitriet (kankerverwekkend) en nitraat (geeft algenbloei). De schade hiervan door de landbouw in de EU is 35 – 230 miljard. Ook de industrie en het verkeer produceren de stoffen en dan is de schade 75 – 485 miljard.

Meer dieren -> meer megastallen -> meer verzuipen in de mest -> grondwater -> drinkwater -> hogere kosten het er uit te halen voor drinkwater -> meer controleurs -> meer industrialisatie landbouwgebieden -> meer mestverwerkingsfabrieken -> groter gevaar voor grote epidemieën -> meer antibiotica -> meer resistente bacteriën als MRSA ESBL -> meer fijnstof -> meer stankoverlast -> meer last voor CARA patiënten. Meer gevaarlijk zieke boeren. En dieronwaardige transporten.

Tegenwoordig wil men naar de megastal toe. Dit stuit op bezwaren m.b.t. ammoniak, geur, fijnstof, schimmels, virussen, bacteriën en parasieten die infecties aan luchtwegen en ogen of hartkloppingen en allergie kunnen veroorzaken. De grote stallen zullen behoorlijke financiële risico's met zich meebrengen. De concurrentie met Brazilië (waar de dieren gewoon op het land lopen en het veevoer in het land zelf wordt geteeld) wordt steeds moeilijker. Steeds meer vindt men dat bulkproductie immoreel is. In 2013 krijgt een varken in plaats van 800 cm2 1 m2!!

En als er dan toch megastallen worden gebouwd, dan zouden de bouwers eens moeten bedenken hoe ze fraaier kunnen worden ingepast in het landschap dan nu de gewoonte is. 

Het consumptiepatroon in de westerse wereld, is voor een belangrijk deel gebaseerd op dierlijk eiwit- en energierijk voedsel. Het leidt ook tot verspilling van voedsel. Wereldwijd leeft ongeveer twee derde van de landbouwdieren in de intensieve veehouderij. De dieren groeien op in een systeem dat gericht is op snelle groei en hoge opbrengst en is daarvoor afhankelijk van granen en soja. Deze gewassen bevatten veel voedingsstoffen en kunnen ook direct door de mens gegeten worden. In plaats daarvan worden ze op grote schaal gevoerd aan de landbouwdieren. Meer dan 90% van de sojameel en 60% van de mais en gerst wordt gevoerd aan dieren. Op deze manier draagt de vee-industrie bij aan de ongelijke verdeling van voedsel in de wereld.
 
Zie lesprogramma duurzame veehouderij

Tonijn

Vijf van de acht soorten tonijn in onze oceanen staan op het punt uit te sterven. Als er geen onmiddellijk wereldwijd vangstverbod komt, is hun lot nu al bezegeld. De drie andere soorten doen het niet veel beter.

Opdracht


Maak een poster op A3-formaat over één van de volgende onderwerpen:

        - vleesvervangers

        - duurzame visserij

        - keurmerken voor vlees en vis

        - leghennen

        - vleeskuikens

        - varkens

        - melkkoeien

        - diertransporten

        - diervriendelijke restaurants

In de poster moet zowel het probleem van de bio-industrie als mogelijke oplossingen of verbeteringen duidelijk worden. Verwerk plaatjes om je onderwerp te illustreren maar zorg dat ze de aandacht niet te veel afleiden van de tekst. Probeer door het probleem duidelijk uit te leggen mensen bij het onderwerp te betrekken en bewust te maken van hun keuzes.

Probeer met je poster:

        De aandacht te trekken Het probleem uit te leggen, mensen erbij te betrekken Oplossingen of verbeteringen aandragen Aan te zetten tot actie: wat kunnen de mensen zelf doen om de situatie te verbeteren? Voorzie de poster van een duidelijke titel en je naam. In overleg met je docent kan de poster in de klas worden opgehangen.                                   

De makers van deze website ontvangen ook heel graag een kopie van je poster. Als je hem (digitaal) wilt e-mailen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.. Zet in de mail ook als je je poster niet op het internet wilt laten publiceren.

Duurzaam MBO ontvangt ook graag tips voor meer passende websites.



 

Websites

Deze websites kunnen je helpen de vragen te beantwoorden. Je kunt ook zelf antwoorden zoeken op andere websites.

 
bioindustie1

Duurzame landbouw

 

Duurzaamheid.kennisnet landbouw
Site over Aarde & Duurzaamheid: Landbouw

 

Je bent wat je eet

Wat eet jij wel en wat eet je niet? Waar komt het vandaan? Van de koude landbouwgrond of uit de kas, met of zonder kunstlicht? En hoe wordt het gekweekt?

 
bioindustie1 Ziezo.biz

Kennisakker.nl biedt kennis en informatie voor een duurzame ontwikkeling van de Nederlandse akkerbouw.
 
 

Duurzame voeding

De supermarktketen Albert Heijn gaat al haar varkensvlees verkopen met een beter keurmerk, dat aangeeft dat varkens meer ruimte en afleiding hebben gekregen, het transport niet te ver is geweest en de mannetjes niet gecastreerd zijn.

De Stichting Duurzame Voedingsmiddelenketen(DUVO) brengt een aantal gerenommeerde bedrijven uit alle schakels van de keten samen bij hun zoektocht naar mogelijkheden om de duurzaamheid van hun handelen te verbeteren.
Hieronder staat welke bedrijven recent welke initiatieven hebben ontplooien op het gebied van duurzaamheid:

Ook de rijksoverheid promoot Duurzame Voeding. Ook op YouTube.

 
bioindustie1


Meer weten over eten

De portal over voeding en duurzaamheid.

 

schijf van vijf 

Voedingscentrum

Alles over gezonde voeding.

 

 

 

 

 

 

Food info

De productiewijze van voedsel en voedselveiligheid zijn de belangrijkste aandachtsgebieden op deze site.

Food-info geeft achtergrondinformatie over

    voedsel de productiewijze van voedsel ingrediten (additieven) voedselveiligheid de relatie tussen voeding en gezondheid
 
bioindustie1

Duurzame vis

Goede vis

Vis eten is lekker en ook nog eens gezond. Maar is de vis ook duurzaam?

Verantwoorde visvragen

Antwoord vinden op veelgestelde vragen op het gebied van verantwoord vis eten, duurzaamheid, quota en andere zaken waarover objectieve informatie niet direct voor het oprapen ligt.

De blauwe wereld voor projecten op het gebied van duurzame visvangst.

Een bekend keurmerk voor 'goede' vis is van de Marine Stewardship Council: MSC.

In Nederland wordt ook gewerkt aan duurzame visserij, zie bijvoorbeeld Masterplan Duurzame Visserij.

Ook mbo-opleidingen doen hieraan mee: Subsidie duurzame visserij Urk.

 
bioindustie1

De vleeswijzer

 

Vleeswijzer

Hiermee is je vlees te checken en kun je een verantwoorde keuze maken.

 
bioindustie1

Compassion in World Farming (ciwf) is de actieve, internationale organisatie die speciaal opkomt voor het welzijn van landbouwdieren, waar ook ter wereld. Op deze site wordt het probleem van de bio-industrie uitgelegd.

 
bioindustie1

Voedselafdruk

 

Voedselvoetafdruk

Door 15 vragen te beantwoorden bereken je snel je persoonlijke Voedsel Voetafdruk.