Men kan vier domeinen
onderscheiden:
Persoonlijke competenties (hoe managen we ons zelf)
1. zelf bewustzijn
2. zelf management
Sociale competenties (hoe gaan we om met anderen)
3. sociaal bewustzijn
4. relatie management
-
Zelf bewustzijn
1.1.
Emotioneel
zelfbewustzijn
- afgestemd op innerlijke signalen
- weten hoe gevoelens ons en ons werk beďnvloeden
- het vermogen de grote lijnen te zien
- het vermogen openlijk te spreken over emoties
- het vermogen in vertrouwen te spreken over onze visie
1.2.
Nauwgezet
zelfbewustzijn
- kennis van onze beperkingen en sterkten
- toont enige humor over jezelf
- toegeven waar we moeten verbeteren
- verwelkomt constructieve kritiek en feedback
- weet wanneer te vragen om hulp en waar te richten op het ontwikkelen van
sterkten
1.3.
Zelfvertrouwen
- kennis hebben van je mogelijkheden om met je sterke kanten te spelen
- verwelkomt een moeilijke taak / opdracht
- is in een groep duidelijk aanwezig
-
Zelf management
2.1.
Zelf controle
- het vermogen om te gaan met of te sturen storende emoties en impulsen
- het vermogen kalm te blijven tijdens crisissen of stress
- het vermogen controle te houden over emoties wanneer je ermee
geconfronteerd wordt.
2.2.
Transparantie
- Leef naar je waarden
- authentieke openheid naar anderen
- sta integriteit toe
- geef fouten en misvattingen toe
- confronteer onethisch gedrag
2.3.
Aanpassingsvermogen
- het vermogen om te kunnen gaan met verschillende vragen
- je goed kunnen voelen met tegenstrijdigheden in organisaties
- flexiebel zijn in aanpassen aan uitdagingen en veranderingen
2.4.
Prestaties
- hoge persoonlijke standaarden dienen je zelf en anderen te verbeteren
- stel meetbare en uitdagende doelen
- kijk altijd naar hoe dingen beter kunnen
2.5.
Initiatief
- creëer mogelijkheden
- doe er alles aan mogelijkheden voor de toekomst te scheppen
- heb wat nodig is effectief te zijn
2.6.
Optimisme
- zie kansen in tegenslagen
- zie anderen positief
- ga ervan uit dat veranderingen er zijn om te verbeteren
3. Social bewustzijn
3.1. Empathie
- stem een groot scala aan emotionele signalen op elkaar af
- luister aandachtig
- heb het vermogen je in te leven in andermans gezichtspunt
- heb het vermogen om te kunnen gaan met mensen van diverse
achtergrond
3.2 Organisatie bewustzijn
- politiek fijnzinnig
- vermogen sterkten in relaties te zien
- begrijp waarden en onuitgesproken regels in organisaties
3.3. Service
- koester een emotioneel klimaat van kwaliteit in de klantenservice
- beschikbaar voor anderen
4. Omgaan met relaties
4.1. Inspiratie
- het vermogen mensen inspireren via een positieve visie
- het vermogen visie duidelijk te maken om anderen te inspireren
- geef het gevoel van een gemeenschappelijk doel
4.2. Invloed
- overtuigend en inspirerend wanneer je je tot anderen richt
- kennis hoe mensen erbij te betrekken en een netwerk van medewerking
te verkrijgen
4.3. Anderen ontwikkelen
- bedreven in het cultiveren van mogelijkheden van mensen
- toon oprechte interesse
- vermogen om op tijd opbouwende kritiek te leveren
- wees een natuurlijke mentor / coach
4.4. Veranderingskatalysator
- zie de noodzaak te veranderen
- vecht tegen de status quo
- wees een voorvechter voor nieuwe idealen
- los barričres praktisch op
4.5. Conflict management
- krijg alle partijen aan de praat
- begrijp verschillende kijk op de zaak
- vindt een gemeenschappelijke basis
- maak het conflict helder
- hou rekening met gevoelens en inzichten
- streef naar een gemeenschappelijke visie
4.6. Teamwork en medewerking
- wek een atmosfeer op van gedeelde verantwoordelijkheid
- laat respect, behulpzaamheid en medewerking zien
- trek anderen naar een positieve verbinding met de visie
- het belang va hechte relaties tussen wat op het werk geëist wordt