Dit geeft vermesting van
natuurgebieden waardoor de bloemenpracht verdwijnt en veel
plantensoorten bedreigd zijn geworden. Het geeft ook verzuring.
De veestapel levert veel methaan hetgeen bijdraagt aan het
broeikaseffect.
N is 40 % gedaald door de katalysator en NH3 is 50 % gedaald
door inkrimping veestapel en onderverwerken mest. Daardoor wel
meer grondwater- en bodemvervuiling.
- Allerlei industrie, fabrieken, waaronder ook elektriciteitscentrales en verbrandingsovens
Zij geven verzuring en dragen fors bij aan het broeikaseffect. De verzuring van energiecentrales is in Nederland fors ( 80 %) afgenomen door maatregelen. SO2 is van 490.000 ton afgenomen naar 40.000 ton door ontzwaveling van elektriciteitscentrales en raffinaderijen. Om het broeikaseffect af te laten nemen moeten nog maatregelen genomen worden. Zie CO2 opslag.
- Het verkeer door de verbrandingsmotoren, remmen- en bandenslijtage
Dit geeft fijn stof, smog, verzuring en draagt bij aan het broeikaseffect. Daarbij is roet kankerverwekkend.
- Oplosmiddelen uit bijvoorbeeld verf
Geven het organisch psycho syndroom OPS. Hierbij wordt het geheugen en de hersenfuncties aangetast door de oplosmiddelen in verf. Het is gevaarlijk voor schilders e.d.
- Gevaarlijke gassen uit bv. spuitbussen (CFK's)
CFK's zijn verantwoordelijk voor het gat in de ozonlaag. Het gebruik van de stoffen is inmiddels verboden waardoor het gat zich langzaam begint te herstellen. Ozon houdt gevaarlijke straling van de zon tegen. Hoe groter het gat, hoe meer UV-licht op aarde, hoe meer huidkanker. CFK's zitten nog wel in oude koelkasten. Vandaar dat die apart ingezameld moeten worden.
De atmosfeer is van vitaal belang voor het leven
op aarde. De lucht die we inademen zou gewoon schoon moeten
zijn.
Wat is precies schone lucht ? Om dat te kunnen begrijpen moeten
we eerst kijken naar de samenstelling van de atmosfeer. De
atmosfeer is een soort laag met gassen om de aarde die
voornamelijk bestaat uit vier vrij constante en andere meer
varabele onderdelen zie tabel
|
Constant componenten |
|
|
Stikstof (N2) |
78.08% |
|
Zuurstof (O2) |
20.95% |
|
Argon (Ar) |
0.93% |
|
Neon, Helium, Krypton |
0.0001% |
|
Variabele componenten |
|
|
Koolstofdioxide (CO2) |
0.038% |
|
Waterdamp (H20) |
0-4% |
|
Methaan (CH4) |
sporen |
|
Zwaveldioxide (SO2) |
sporen |
|
Ozon (O3) |
sporen |
|
Stikstofoxides (NO, NO2) |
sporen |
Bron::
http://www.visionlearning.com/library/module_viewer.php?mid=107
Voor de mens zijn zuurstof en koolstofdioxide het belangrijkste. Gedurende de fotosynthese door planten, algen en sommige bacteriën worden suikers en andere organische verbindingen gemaakt naast zuurstof.
Gedurende de verbranding gebruiken de meeste organismen weer die zuurstof om de voedingsmoleculen af te breken waardoor kooldioxide ontstaat en ze energie krijgen.
Stikstof is van belang in de stikstofkringloop (Raven and Berg 2006: 455). In de atmosfeer is waterdamp een van de belangrijkste componenten. Het varieert van sporen waterdam tot wel 4%. Concentratie veranderingen zijn waar te nemen zowel horizontaal ( hoe ver en je weg van de zee) als verticaal. Waterdamp absorbeert IR straling en houdt de temperatuur op aarde rond de 13 0C.
Zonder waterdamp zou de temperatuur -18 tot - 19 0C zijn.
De atmosfeer speelt ook een rol in het tegenhouden van UV straling en het vormen van het klimaat.
(verwarmingssystemen, industrie, auto’s ect) of natuurlijke gebeurtenissen (vulkaanuitbarstingen, bosbranden ect) in concentraties die hoog genoeg zijn dat ze schade aan de mens, aan andere organismen en materialen toebrengen.
Bijvoorbeeld: zwavelcomponenten die via emissies in de lucht
terecht zijn gekomen, reageren met water(damp) tot verzurende
stoffen waardoor de pH vermindert en leidt tot zure regen. Zure
regen veroorzaakte aanzienlijke schade aan gebouwen en
monumenten en indirect aan de mens. (Vesilind and Morgan 2004:
303).
Zoals in figuur 1 is te zien bestaat de atmosfeer uit vier lagen namelijk de troposfeer, de stratosfeer, de mesosfeer en de thermosfeer.

Wij leven in de troposfeer. Alle problemen met luchtverontreiniging behalve die van het broeikaseffect en het gat in de ozonlaag vinden plaats in de troposfeer.
In de eerste vijf kilometer vindt het weer plaats. Er worden wolken gevormd, neerslag valt, de wind waait en de vochtigheid varieert van plek tot plek. Meer dan 80 % van de lucht bevindt zich in deze laag. De temperatuur neemt af naarmate je naar boven gaat.
Op de troposfeer ligt de stratosfeer. Daar vindt inversie van de
temperatuur plaats en er vindt maar weinig vermenging plaats. De
stratosfeer heeft een hoge ozonconcentratie en bevat 90 % van
alle ozon. Die ozon absorbeert het schadelijke ultraviolete
licht van de zon zodat we redelijk goed beschermd zijn tegen
huidkanker. Boven de stratosfeer bevinden zich nog twee lagen
namelijk de mesosfeer en de thermosfeer. Zij bevatten 0,1 % van
de lucht bevatten (Vesilind and Morgan 2004: 302).
Luchtvervuiling komt van veel bronnen. Stationaire bronnen als fabrieken, en energiecentrales of mobiele bronnen als auto’s en vliegtuigen maar ook natuurlijke bronnen als vulkanische uitbarstingen en stofstormen. Helaas dragen menselijke activiteiten het meest bij aan luchtvervuiling zoals wordt gezegd door het Internationale Panel on Climate Change (IPCC) in haar 4th Assessment Report (2007); ‘Global atmospheric concentrations of carbon dioxide, methane, and nitrous oxide have increased markedly as a result of human activities’.
Er bestaan veel verschillende vervuilers van de lucht. De belangrijkste vervuilers zijn in te delen naar hun fysieke verschijning: deeltjes of gassen of naar hun impact mechanismen als primaire en secundaire vervuilers. Primaire vervuilers hebben direct effect op levende organismen als koolmonoxide (van uitlaatgassen) en zwaveldioxide van de verbranding van steenkool. Meer verontreiniging kan ontstaan als de primaire vervuilers in de atmosfeer chemische reacties ondergaan. Dan spreek je van secundaire vervuilers. Fotochemische smog en zure regen zijn hier voorbeelden van.
Deeltjes kunnen in de lucht voorkomen als vloeibaar of vast en in allerhande maten. Ze kunnen verschillende ziekten teweeg brengen als astma, longproblemen, ademhalingsproblemen. Zwaveloxides kunnen smog veroorzaken waardoor het zicht verminderd wordt.
De belangrijkste vervuilers van de lucht zijn; stikstofoxides, zwaveloxides, koolstof oxides, ozon, koolwaterstoffen en oxidanten. Ze ontstaan meestal door onvolledige verbranding. Ze zijn schadelijk voor de menselijke gezondheid, voor materialen en dragen bij aan zure regen ect.
De gezondheidseffecten van verschillende belangrijke vervuilers van de lucht zijn te zien in tabel 2.
Tabel 2. Gezondheidseffecten van verschillende vervuilers van de lucht.
|
Vervuiler |
Bron |
Effect |
|
Deeltjes |
Industrie, energiecentrales, motorvoertuigen |
Verergert ademhalingsziekten en langdurige blootstelling kan leiden tot chronische bronchitis hartaandoeningen en onderdrukking van het immuunsysteem |
|
Stikstofoxides |
Motorvoertuigen, industrieën, zwaar bemeste landbouwgronden |
Irritatie van de ademhalingswegen, astma en chronische bronchitis |
|
Zwaveloxiden |
Energiecentrales en andere industrieën |
Irritatie ademhalingswegen en dezelfde effecten als bij de deeltjes |
|
Koolmonoxide |
Motorvoertuigen, industrie |
Reduceert de mogelijkheid van het lichaam om zuurstof te transporteren, hoofdpijn, en vermoeidheid in lagere concentraties. Het is dodelijk in hogere concentraties |
|
Ozon |
Gevormd in de atmosfeer (secudaire vervuiler) |
Irriteert ogen en luchtwegen, ongemak op de borst, bemoeilijkt de ademhaling bij b.v. astma of bronchitis |
Luchtverontreiniging is een complex probleem. De bronnen mixen makkelijk en de verspreiding is geografisch complex. Sommige vervuilers van de lucht (als dioxines, astbest, tolueen, en metalen als cadmium, chroom en lood) zijn zeer giftig zelfs al er maar sporen van in de lucht zitten en als de blootstelling maar korte plaatsvindt.
Pogingen om de vervuiling tegen te gaan richten zich op de bron en op reductie. Men kan denken aan het realiseren van een betere en meer volledige verbranding, katalysatoren in de naverbranding, CO2 injectie en verschillende methoden om zwavel uit de rookgassen te verwijderen. Dat zijn allemaal technische oplossingen. Maar het hoeft niet zo te zijn dat de technologie alles oplost. Ook is gedragsverandering en meer aandacht voor ethiek nodig.



